Kennismaking met voodoo | |
|
Gepost op 22 november 2005. | |
Voodoo is cruciaal voor de Haïtiaanse geschiedenis, cultuur en identiteit. Ik heb de kans gehad twee ceremonies bij te wonen. Enkele impressies...Na een bezoek aan een waterkrachtcentrale bij het dorpje Kay Jakmel (Zuidoost Haïti), worden we door enkele mensen meegenomen naar een kleine voodooceremonie. Onder een wit tentzeil als bescherming tegen de middagzon hebben de tamboerspelers en de dansende dorpsbewoners zich verzameld. Net als deze ceremonie draaien de meeste voodoopraktijken rond genezing. Een oude man zit zwakjes op een stoel, hij kan niet goed op zijn benen staan. Onder leiding van de lokale voodoopriester trommelen de tamboerspelers, terwijl oude vrouwen zingen. Alsof hun leven ervan afhangt, dansen ze rond de centrale paal. Zo hopen ze een geest of iwa te lokken. Enkele vrouwen gieten wat sterke drank op bepaalde plaatsen op de grond, een bok versierd met een rode strik en planten wordt aan een touw meegesleurd in het wilde gedans. De geesten worden gelokt door de roep van eeuwenoude tamboerritmes. Na enige tijd begint plots een van de vrouwen schokkend te bewegen: een geest heeft bezit van haar genomen. Het dansen gaat verder. De vrouw wrijft de benen van de oude man in met drank. Dit moet hem helpen beter te worden… Het leven van deze dorpsbewoners en van de meeste Haïtianen blijft doordrenkt van voodoo. Hun voorouders hebben de religie ontwikkeld tijdens de koloniale periode, toen ze als slaven hun tradities meebrachten uit West-Afrika. Nadat Haïti in 1803 als eerste zwarte republiek onafhankelijk werd, kreeg voodoo alle vrijheid om tot bloei te komen: gedurende meer dan vijftig jaar was er geen katholieke priester in het land. De ingewikkelde rituelen zijn echter niet eenvoudig te begrijpen als buitenstaander. Neem bijvoorbeeld de gede-ceremonies. Deze worden gedurende de hele maand november georganiseerd om hulde te brengen aan de overledenen. In Kenskoff, een klein stadje in de bergen, niet ver van Port-au-Prince, had ik de kans zo een gede bij te wonen. Vanaf zeven uur 's avonds tot een stuk na middernacht weerklinken de tamboers. De geloofsgemeenschap danst. Iedereen heeft een bepaalde functie in de rituelen. De imposante voodoopriester neemt het voortouw, samen met de oude priesteres, zijn grootmoeder. Op het hoogtepunt van de ceremonie stoppen vrouwen stukjes chilipeper in de penis van de priester, omdat de geest die hij wil oproepen dat graag heeft. De man stribbelt tegen, en lijdt zichtbaar als hij verder danst. Maar het blijkt te werken: in de chaos begint niet veel later een man hysterisch te dansen en te trillen… Geen wonder dat de eerste missionarissen de voodootradities als duivelsverering beschouwden. Samen met de eerste inlandse katholieke priesters voerden ze vanaf 1920 een harde strijd tegen de volkscultuur. Maar voodoo blijft bestaan: ceremonies worden in het geheim en 's nachts gehouden. Tegen de jaren '80 vermindert de katholieke kerk haar strakke houding: ze beschouwt voodoo voortaan als een deel van de Haïtiaanse realiteit. De nieuwe evangelische protestantse kerken die uit de Verenigde Staten komen overgewaaid voeren echter een vernieuwd offensief. Vergeefs, want elk kind leert dat voodoo de slaven inspireerde tot de slavenrevolutie meer dan 200 jaar geleden… |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
|
© 2005 Wim Schalenbourg
| |